Toelichting

De ontwikkeling van de Integrale Gebiedsvisie dient meerdere doelen en gebruikers. De gemeente, de provincie, maar ook voor de eigenaar en alle gebruikers van Terlet moet het document duidelijkheid geven.

In het bestemmingsplan is aangegeven dat aan toeristisch recreatieve bedrijven mogelijkheden voor kwaliteitsverbetering worden geboden, mits in een Masterplan is aangegeven op welke wijze dat stedenbouwkundig en landschappelijk wordt ingepast (blz. 66). De Integrale Gebiedsvisie geeft hier een antwoord op.

Ten behoeve van de Provincie moet het document duidelijkheid geven hoe met de in het streekplan aangegeven “consolidatie van het huidige gebruik” wordt omgegaan.

Ook voor de eigenaar van de grond, Staatsbosbeheer geeft het document kader voor gebruik en beheer.

Voor de gebruikers van het zweefvliegcentrum heeft de opstelling van de Integrale Gebiedsvisie er voor gezorgd dat wensen voor gebruik en inrichting duidelijk zijn geworden, de “neuzen de zelfde kant op zijn gezet” en er intern duidelijkheid is over koers en mogelijkheden voor de komende jaren. Het document en de bijlagen is daarmee voor hen ook een verslaglegging van eerdere wensen, de afweging en de uiteindelijk gemaakte keuze.

De doorlooptijd om te komen tot deze visie was aanzienlijk. Met het project is gestart in 2006, de start was beladen omdat in het kader van een aanlegvergunning handhavend moest worden  opgetreden. Ook binnen de verschillende gebruikersgroepen heeft het komen tot deze integrale visie veel inspanning en moeite gekost. We zijn dan ook verheugd dat visie er nu ligt wensen en mogelijkheden zijn gewogen en er vertrouwen is in deze bij partijen gedragen koers.

De uitvoering van de visie past binnen de ruimtelijke kaders van het bestemmingsplan.

Voor de verschillende projecten is wel aanleg- of bouwvergunning nodig. Op dat moment dienen detailuitwerkingen te worden overlegd en zullen dan ook als zodanig worden getoetst.

Bij de concept Integrale Gebiedsvisie hebben we ambtelijk nog enkele aandachtspunten die we graag in de eindversie verwerkt willen zien Het betreffen:

Voeg bij H 3 wensen ook toe onder het kopje Recreatie ook toe communicatie en 2e wereldoorlog. 

En bij de wens Archeologie voeg erfgoed toe met aandachtspunt het zichtbaar houden 2e wereldoorlog. 

Voeg bij Integrale weging onderdeel Openstelling en recreatie ook toe het vertellen van de 2e wereldoorlog. 

De wens aanpassing van bebouwing is duidelijk aangegeven, het is ons bekend dat de Nieuwe ontwikkelingen dienen bij voorkeur uit te gaan van de bestaande footprints. 

Bij de architectenkeuze zal ook de ervaring met cultuurhistorisch erfgoed mee worden gewogen 

- Het te ontwikkelen eindbeeld zou de uitstraling moeten hebben van een helder ensemble ingebed in het groen, de sfeer van een kleine dorpsachtige nederzetting met in de ruimte verspreide gebouwtjes als een klein gehucht verscholen in het groen.

Voeg op de Integrale visiekaart ook de toegang naar de openbare weg toe en de

Voeg een overzichtskaart met de projectennummers toe.

Geef bij het kaartbeeld landschap en cultuurhistorie (kaart C)- ook de open ruimten aan en de eventuele samenhang daarvan met aangrenzende terreinen

Maak bij het onderdeel horeca duidelijk of de parkeerruimte voldoende is of dat de huidigeopenbare weg en de parkeeropvang van bezoekers

 

Geef bij de huidige en toekomstige parkeerplaats niet alleen de oppervlakte, maar ook het veslag

Geadviseerd is het gehele document nog een redactieslag te geven. Het hoofdstuk

Programma de naam Integrale Weging te geven en de acties aan te duiden als projecten.

voeg ook de zichtlijnen binnen het complex toe, o.a. vanuit de camping naar hetGeef aan de elementen die onderdeel waren van Fliegerhorst Deelen.- Geef bij de kaart ontsluiting en rijroutes ook de aansluiting met de omgeving aan naar de

 

Discussie

In haar inleiding geeft gemeentelijk projectleider Christine Paris aan dat het geen gemakkelijke opgave was om tot een gebiedsvisie te komen. Bij Terlet zelf is men het onderling eens en zijn alle waarden benoemd. Bij het gesprek zijn de voorzitter van de Stichting Nationaal Zweefvliegcentrum Terlet (SNZT) en Lonneke Alsema van Terlet aanwezig. Een vertegenwoordiger van Staatsbosbeheer is helaas verhinderd.

Naar aanleiding van de PowerPoint presentatie stelt de commissie de volgende vragen, c.q. geeft zij het volgende commentaar:

Wat is de functie van het hek of raster?

Het hek is een raster om de wilde zwijnen buiten te houden, die de strips omploegen. Alle andere wild

is welkom, herten en reeën kunnen er over heen springen. Dat het ook preventief werkt tegenover de mens, is mooi meegenomen.

In hoeverre is sprake van een integraal plan?

Christine Paris geeft aan dat met de gebiedsvisie een integrale koers beoogd is, het (nieuw) bouwen is nog niet in de planning en vraagt meer studie. We wilden de koers voor de buitenruimte niet langer daarop laten wachten. Wel is bekend dat de footprint van de bestaande bebouwing hetzelfde blijft.

Binnen het bestemmingsplan kan wel ruimte geboden worden voor bebouwd oppervlak. Peter Hectors  vult aan dat het verkavelingsplan te zijner tijd nog terugkomt in welstand.

De opstellers zijn nog niet klaar met het cultuur-historische aspect.

Vooral over de bebouwing moet een visie worden ontwikkeld. De voorzitter van SNZT geeft aan dat een tijd geleden de behoefte bestond aan nieuwe hangars. Dat is op dit moment niet meer economisch verantwoord. Daarbij komt dat de bestaande hangar een gemeentelijk monument is die gehandhaafd wordt.

Jan Wessels (Erfgoed) geeft aan dat de afdeling bij het proces betrokken is. De groep gebouwen is nog van Duitse oorsprong en dateert uit de tweede wereldoorlog. Er is hier sprake van materieloze monumentenzorg; ‘de plek’ moet beschermd worden als onderdeel van het Duitse Theerosen.

De commissie mist een landschappelijke onderbouwing van de verschillende ingrepen in het terrein. Er ontbreekt een samenhangende visie. Onduidelijk is wat door de opstellers van het rapport wordt verstaan onder een goede landschappelijke inpassing. Die term wordt te pas en te onpas gebruikt.

In het verleden was het terrein veel opener, nu er meer ruimte gemaakt moet worden voor de start/landingsbanen kan de oude meer open situering van het vliegveld als inspiratie dienen. De voorzitter van SNZT stelt dat voor het veilig opstijgen en landen grasstrips nodig zijn. Staatsbosbeheer gaat uit van een heidelandschap en bos. De grove den kan verwijderd worden. Lonneke Alsema voegt eraan toe dat Natura 2000 ook meer heide voorstaat. Maar, de dieren (dassen, zwijnen, etc.) ‘hebben het bos in bezit’, dat steeds verder is gegroeid.

De commissie meent dat het bos een natuurlijke uitstraling moet hebben. Als er minder bos aanwezig is en de bosranden niet door de vliegstrips gedicteerd worden, vallen de vliegstrips ook minder op,

zeker op de momenten dat er niet gevlogen wordt. Wees niet te defensief, ga meer in op de weidsheid van het landschap. Kap het bos niet in de lengte van de strip, maar laat die er als toevalligheid in liggen.

De commissie heeft geen bezwaar tegen de praktische ingrepen, maar meent dat de visie op het landschap in onvoldoende mate gegeven wordt.

Niet alles hoeft gecamoufleerd te worden; de aanblik van vliegtuigen en de vliegbewegingen heeft ook iets aantrekkelijks.

Conclusie

De commissie heeft geen bezwaar tegen de voorgestelde praktische ingrepen. Wel mist zij een visie van waaruit ook toekomstige ingrepen in het terrein gestuurd kunnen worden. Zij meent dat de visie rekening moet houden met de geschiedenis van de plek. Zij ziet de uitwerking met belangstelling tegemoet.